Wit goud legeringen werden populair in de jaren 1920 als alternatief voor platina. De term ‘wit goud’ is in feite een contradictie. Iedereen kent immers de aantrekkingskracht van goud die in de eerste plaats uitgaat van zijn unieke gele glans. Goud in zijn zuivere vorm is echter te zacht om gebruikt te worden voor het vervaardigen van juwelen. Daarom wordt het gelegeerd of samengesmolten met andere metalen die het goud geschikt maken om te worden omgevormd tot prachtige sieraden die sterk of hard genoeg zijn om dagelijks te worden gedragen en die kunnen weerstaan aan de onvermijdelijke slijtage.

In Europa wordt de hoeveelheid puur goud die aanwezig is in een sieraad uitgedrukt in duizendsten.  Met 24 karaat goud wordt betaald dat dit bestaat uit 1000/1000 delen goud. Met 18 karaat goud, meest voorkomende legering in België, wordt uitgedrukt dat dit bestaat uit 750/1000 delen gouden. Daarom wordt 18 karaat ook wel voorgesteld als 750/ºº. In het geel goud dat gebruikt wordt als legering 18 karaat zitten dus 750/1000 delen goud en 250/1000 delen toevoeging van andere metalen. Concreet betekend dat 75% van het gewicht zuiver goud is en 25% andere metalen.

Witgoud is een legering van (geel)goud en palladium. Vroeger werd meestal nikkel gebruikt voor het legeren van witgoud. Tegenwoordig wordt palladium gebruikt, omdat witgoud met (veel) nikkel i.v.m. de nikkelafgifte (allergie) binnen de EU niet meer mag worden toegepast.

Hierdoor komt het dat een witgouden legering niet zuiver wit is maar eerder gebroken wit, een beetje gelig-grijs is.  Om een mooie witte kleur te verkrijgen, wordt het witgoud voorzien van een afwerkingslaag van rhodium. Dit is een element uit de platina metalen reeks. Rhodium is een hard wit metaal waarvan de laag dikte toch wel een grote rol speelt.

Deze rhodiumlaag kan met de jaren afslijten, waardoor de gelig-grijze kleur van het witgoud terug zichtbaar wordt . Het feit of het juweel veel of weinig wordt gedragen en de aard van het juweel (ring of oorhangers) spelen een rol bij de mechanische sleet (wrijving). Indien het witgouden juweel onderhevig is aan verkleuring, betekent dit dus niet dat de juwelier een minderwaardig product heeft afgeleverd. De kleur van witgoud wordt door een synthese bepaald en zo is deze bovendien onderhevig slijtage door het gebruik of het dragen van het juweel.

Het is steeds mogelijk om de juwelen terug in nieuwe staat te brengen en te voorzien van een nieuwe laag rhodium.